blog Braakbal

blog Braakbal

Joggen naar het zuiden

dromenPosted by Jasmien Aernout 02 May, 2018 11:33

Er liep een jogger op de E17. Met zijn witte short en een haarband die zijn wilde manen moest temmen, leek hij te zijn weggelopen van een tennismatch uit de jaren zeventig. Het is natuurlijk niet waar wat ik vertel. Er liep geen jogger op de E17, het was avond en het goot bakken uit de lucht. Maar het zou een mooi beeld zijn geweest. Zeker als je je voorstelt dat je ineens tussen de heen-en-weerslingerende ruitenwissers en de gietende regen een paar witte, fluorescerende loopschoenen opmerkt en het steeds duidelijker wordt dat het om een getrainde loper met een stel stevige dijen gaat die schijnbaar onverstoord over de pechstrook de aprilse grillen trotseert.

Ik reed naar huis na een huiskamerconcert en ik was moe. Dan gebeurt het wel eens dat er dingen aan de horizon opduiken die er niet zijn. Het was met momenten rijden door de zee en ik vroeg me af hoe ver in het zuiden ik zou uitkomen als ik nu gewoon door bleef rijden, als ik het pedaal bleef intrappen tot de nacht en de regen verdwenen waren.

Onder een stralende ochtendzon parkeer ik de auto op een Frans dorpspleintje. Grijze kerktoren met trappen voor het portaal, in het midden een bloeiende lindeboom tussen de kiezelstenen. De bakker die één tafeltje met stoel voor de vitrine heeft staan, verkoopt kranten in een rekje dat piept wanneer het draait. Een schoolbus rijdt aan, pikt het kind met het fluohesje op dat samen met zijn moeder op de hoek van het plein wacht. Een grijzende vrouw dropt een lege fles in de glascontainer. Voor de rest is er geen kat, behalve een rosse met witte streepjes die op het muurtje van de begraafplaats balanceert en wegduikt wanneer de klokken drie keer slaan om vijf voor acht. De bakkersvrouw brengt een koffie met een croissant en het gaat van ‘bonjour’, ‘bienvenue’, ‘waar komt u vandaan?’, ‘wat hebben we meer nodig?’ tot ‘nu is het nog rustig maar over een paar weken staan er wel drie campers op het plein’ en ‘de kajakclub beneden opent eind deze week’ en ‘mijn zus heeft een B&B tussen de wijnranken, helemaal niet ver, slechts drie kwartier rijden’ en ‘merci’ en ‘enchanté’ en ‘bon appétit’. Verder niets, verder stil, verder alleen de zon. Nog voor ik een hap neem van de kraakverse croissant moet ik een vrachtwagen inhalen. Ik drijf het toerental van de ruitenwissers de hoogte in. Ik ben er duidelijk nog niet. Ogen open en recht door zee.