blog Braakbal

blog Braakbal

Niet struikelen over de liefde

dromenPosted by Jasmien Aernout 17 May, 2018 08:05

Ze zeggen dat je niet mag blijven liggen als je niet kan slapen.
De nacht schijnt haar kamer binnen. Het rolgordijn hangt op een kier zodat de ochtendzon haar op natuurlijke wijze kan wekken. Maar de slaap vatten is moeilijk, ook al is ze moe en dut ze praktisch in op de sofa. Eens ze in haar bed ligt, is de maalstroom niet te stoppen. Ook vanavond niet. Zelfs tijdens een rondje met de meditatie-app houdt ze in haar achterhoofd dat de wifi nog uit moet daarna. Over elke beslissing die ze de laatste tijd neemt, struikelt ze. Elke keer opnieuw. Ze draait zich op haar zij, dan op haar andere zij, op haar rug. Ze legt haar handen op haar borsten en de tranen rollen over haar wangen. Ze omhelst zichzelf, ze omklemt haar bovenlichaam met haar eigen armen om het schokken tegen te gaan. De nacht brengt enge gedachten waarvan ze weet dat ze door het donker zijn beïnvloed en dus niet waardevol zijn. Over elke beslissing struikelt ze maar niet over die van de liefde. Ze maakt die zin in haar hoofd af alsof het een vraag is.

Ze stevent ergens op af en ze is tot wanhoop van de goden te bang om de weg rechtdoor te nemen zodat ze zichzelf drempels voor de voeten gooit, opdat ze haar eigen shit zou hebben waarin ze kan vallen. Ze speelt een ingenieus en onderbewust spel, een perfect uitgedokterd remmechanisme op haar eigen leven om te voorkomen dat een beetje succes zich nog maar zou durven vertonen. Liever meet ze zich in maten en gewichten die niet eens voor haar geldig zijn, liever spelt ze zich labels op dan op te blijven komen voor het enige wat haar zo typeert: zichzelf, een hart dat roert, boeit en beroert en dat fluctueert, erger dan een onstabiele wisselkoers en waarvan ze moet leren houden, ook wanneer het sist op een grijze dag, woekert in nachten als deze en wanneer het lijkt alsof het er vandoor is gegaan, precies dan.

Door kieren en spleten die ze doorheen de jaren in de luiken sloeg die haar omsloten, piept de liefde. Ontluikende en schuchtere straaltjes die ze mocht proeven, waaraan ze bedeesd likte en die ze gretig opsnoof. De liefde, die ze tot nu gemakkelijk met de vlakke hand kon blokkeren, brandt harder en vastberadener dan ooit. Ze moet toegeven dat het onmogelijk wordt om zich te blijven verzetten.